Informatievoorpaardenliefhebbers.jouwweb.nl
Home » Gedrag » Gedrag en leefomgeving » Honden & paarden een goede match?

Honden en paarden een goede match?

paard-en-hond.jpg

Paarden hebben, als vluchtdier, meestal een aangeboren angst voor honden. Toch kun je met het nodige geduld de meeste paarden wel leren om honden in hun nabijheid te dulden.

 

Er zijn paarden die in een dolle bui best te verleiden zijn tot een spelletje met de hond. In het weiland vrolijk bokkend achter de hond aanrennen, terwijl de rollen een paar tellen later zijn omgedraaid en de hond gezellig in de staart van het paard hangt. Mochten paard en hond daadwerkelijk met elkaar gaan spelen en ravotten in de wei, dan is het - hoe leuk het ook is om naar te kijken - echt verstandig om de hond bij je te roepen en direct een einde te maken aan het spel.

 

Wie serieus van plan is om samen buiten te rijden, moet zichzelf de volgende vragen stellen:

- Kom je verkeer tegen? En weet de hond waar hij moet lopen om veilig te zijn voor verkeer?

- Heeft hij geleerd om op de stoep te wachten tot hij het commando krijgt om over te steken?

- Zit jij zelf rustig op je paard dat je al rijdend ook je hond in de gaten kunt houden?

- Weet je zeker dat je hond geen overlast veroorzaakt voor andere honden, collega paarden of wandelaars?

Er zijn maar weinig mensen die hun hond zo goed onder appél hebben dat ze hem 'op afstand kunnen besturen'. Bovendien mogen honden bijna nergens in Nederland los op straat lopen. In de meeste natuurgebieden kunnen honden alleen los in speciaal daarvoor aangewezen 'losloopgebieden' en meestal zijn paarden daar dus weer niet welkom. Over de hond aanlijnen te paard, gaan we het niet eens over hebben. Een hondenriem en paardenbenen, dat is een onverantwoorde en levensgevaarlijke combinatie.

 

Natuurlijk is het ook weer niet zo erg dat je paard en hond altijd op veilige afstand van elkaar moet houden. Dat is niet nodig, want ze kunnen het ook leuk hebben samen. In de meeste gevallen zullen ze op stal gebroederlijk naast elkaar leven. Het merendeel van de paarden en honden kunnen prima leren wat wel en niet de bedoeling is. Paarden moeten leren dat honden al lang geen rauw paardenvlees meer eten. Honden die paarden najagen moeten leren dat de baas daar niet blij van wordt. De hond moet leren dat blaffen in de buurt van paarden tot een minimum beperkt dient te worden en dat happen naar staart of hakken uit den boze is. Maar laten we eerlijk zijn: het is niet te garanderen dat bij elke hond gaat lukken. De kans op succes hangt voor een groot deel af van de hond zelf en van het doel waarvoor hij ooit gefokt is. Honden die van nature behept zijn met een 'will to please', die het dus prettig vinden om de mens te gehoorzamen (bijvoorbeeld veel herdershondenrassen, sommige staande honden maar ook retrievers) zullen ons in de regel ook best het plezier willen doen om onze paarden te tolereren of er zelfs gezellig mee om te gaan. Maar honden die van nature meer 'op zichzelf' zijn, die niet heel erg de neiging hebben tot luisteren, erg druk zijn of graag najagen (bijvoorbeeld rassen die zelfstandig het vee moesten bewaken, terriërs, brakken of dashonden) zouden een probleem kunnen vormen.