Informatievoorpaardenliefhebbers.jouwweb.nl
Home » Harnachement » Onderwerp hoofdstel » Metaal uit de mond

Metaal uit de mond

th1.jpg

Als je bitloos rijdt, communiceer je anders met je paard dan via de metalen staaf in de paardenmond. Maar objectief bekeken geldt zowel voor het bitloze als voor het rijden met bit: de hand van de ruiter bepaalt of een paard diervriendelijk wordt gereden. De optoming moet perfect zijn afgestemd op de anatomie van het paard en op het niveau van het dier. Dat betekent uiteraard dat de ruiter moet weten hoe hij de correcte teugelhulpen moet geven. Het voordeel van bitten is dat je daarmee zeer gedifferentieerde hulpen kunt geven wat betreft de plek van de inwerking (op de lagen en op de tong of op de wang, de kin en de nek), de intensiteit van de inwerking en de oprichting en verzameling.

 

Als een paard fiks speekselt of kauwt op het bit, is dat alleen een poging  om het bit kwijt te raken.

 

Bitloze optomingen zoals de kaptoom worden vaak gebruikt als het paard moet leren aan de longe te lopen en kunnen ook voor de eerste pogingen onder het zadel worden gebruikt. Bitloze optomingen zijn vaak, maar niet altijd, beperkt wat hun mogelijkheden tot inwerking betreft, wat niet noodzakelijk een nadeel hoeft te zijn. Zo moet de ruiter namelijk beter met zijn hulpen omgaan. Hij moet meer met zijn gewicht, zet en benen inwerken. Bitlozen optomingen hebben bij onervaren of jonge ruiters het voordeel dat de paardenmond niet wordt gestoord door het onbedoelde trekken aan de teugels.

 

Enkele bitloze optomingen:

Mechanische hackamore: De mechanische hackamore heeft - behalve zijn naam - niets te maken met de klassieke versie. De optoming bestaat uit een neusdeel dat van verschillende materialen gemaakt kan zijn, zoals leer, leer met vacht, een door leer ontwikkelde metalen kern, een kinketting of kinriem of twee scharen aan de zijkanten van de neusband, waaraan gewone teugels worden bevestigd. Deze optoming maakt een gedifferentieerde inwerking amper mogelijk. Bij elke teugelhulp wordt rondom het hoofd en de neus behoorlijk druk uitgeoefend. Deze optoming wordt vaak alleen maar gebruikt als een soort 'noodrem' voor verreden paarden. Deze optoming mag officieel in de springsport vanaf de Z worden gebruikt, maar mag niet worden gebruikt in de basisspringsport.

Bosal: De klassieke hackamore, een typische western optoming, bestaat uit een bijna ovaal gevormde neusdeel uit rawhide, de bosal. De diameter van het neusdeel is afhankelijk van het opleidingsniveau van het paard. Bij de bosal hoort  een uit paardenhaar gevlochten mecate, die als teugel en voertouw dient. Deze optoming kan door een fiadoor (een dun touwtje) worden gestabiliseerd. De klassieke hackamore wordt gebruikt in de westernsport, maar meestal alleen voor een beperkte tijd (tijdens de wisseling van tanden). Het 'stekelige' karakter van de mecate ondersteunt het leren van de neckreining, dus het wijken bij zijwaartse teugeldruk op de hals. De ruiter houdt zijn hand laag en geeft hulpen door de teugels eventjes aan te nemen door de hand omhoog te brengen en weer na te geven (pull en slack).

Merothisch rijhalster: Dit rijhalster is benoemd naar zijn uitvinder: dr. Meroth en behoort tot de nieuwere ontwikkelingen op het gebied van bitloze optomingen. De metaalveer, die met leer is ontwikkeld, heeft aan weerszijden van de neus een ring, waaraan twee kinriemen worden bevestigd. Deze riemen kruisen onder de kin. De teugels worden in de einden van deze riemen bevestigd. Elke keer dat je aan de teugels trekt, wordt er druk op de neus en kin uitgeoefend, omdat de hele constructie bij elkaar wordt getrokken. Een voor de paardenmond vriendelijke variant, die echter weinig gedifferentieerde hulpen via de teugels mogelijk maakt, waardoor de communicatie tussen paard en ruiter bemoeilijkt kan worden. Dezelfde fabrikant heeft trouwens ook verdere ontwikkelingen op de markt gebracht, die ook gebruik met bit mogelijk maken. Er bestaan in Nederland diverse imitaties zonder de metaalveer in de neusband.

Touwhalster: De 'Rai-band' is net en halster. Het bestaat uit een nylon hoofdriem en een neusstuk. Beide teugels worden onder de kin bevestigd. Een gymnastiserende training is moeilijk, omdat deze constructie geen gedifferentieerde hulpen mogelijk maakt. Fred Rai heeft echter een verdere ontwikkeling van zijn band bedacht: de 'ringband'. Daarbij worden de teugels onder de kin gekruist door twee metalen ringen geleid. Dat zou een zijwaartse inwerking mogelijk maken. Het in de handel gebruikelijke knopenhalster wordt net zo gebruikt als de Rai-band. De teugels worden onder de kin bevestigd of gewoon samengeknoopt.

Bitless bridle: Deze ontwikkeling van dierenarts dr. Robert Cook doet een beetje denken aan het Merothisch rijhalster. Hierbij kruisen echter niet de kinriemen maar de kaakriemen en in eerste instantie werk je in op de kaken en op de neus van het paard, minder op de nek. net als bij het Merothisch halster geeft de inwerking van de linkerteugel contradruk op de rechterkant van het hoofd. Dat betekent dat het paard zal 'wijken' voor deze lichte druk en zijn hoofd in de juiste stelling zal plaatsen.

Sidepull: Deze optoming bestaat uit een neusriem van leer en bij de goedkopere modellen uit sisal. In de handel eveneens een gevlochten neusband verkrijgbaar, dat een soortgelijke effect heeft. De neusriem wordt vastgemaakt met een (zachte) kinriem. De teugels worden rechts en links aan de ringen aan weerszijden van de neusband vastgemaakt. De sidepull wordt vooral gebruikt bij het zadelmak maken, maar ook later in andere fases van de opleiding ingezet. Het ondersteunt vooral het stelling vragen van het paard. Een Hannoveraanse (of lage) neusriem is trouwens probleemloos om te toveren in een bitloze optoming: je hoeft de neusriem alleen iets verder omhoog vast te maken (zodat de neusband ongeveer vier vingers breed onder het jukbeen ligt) en je gebruikt de ringen tussen de neusband en de kinriem voor de teugels. De lage neusriem wordt bij de springsport als bitloze optoming door de KNHS geaccepteerd in de basisspringsport 

De halsring (cordeo): En wie graag een beetje bont wil maken, gebruikt een halsring. Rijden met de halsring - bitlozer en hoofdstellozer kan het niet. Daarbij wordt de ring met een stijve metalen kern met één of met beid handen vastgehouden en net zo gebruikt als een fietsstuur. Er bestaat ook een versie van leer, die slap als teugels langs de hals ligt. Om af te wenden beweeg je beide handen (of je ene hand) en je bovenlichaam in de gewenste richting. Het lijkt een beetje op neckreining. Om halt te houden houd je de ring tegen de halsbasis van de paardenhals aan en laat je het paard halthouden door de ring lichtjes terug te nemen. Door de ring halverwege de hals te houden kun je er zelfs uitstekend schouderbinnenwaarts mee rijden en wijken voor het been.

LG-toom: Deze uitvinding van Monika Lehmenkühler heette oorspronkelijk Glücksrad (gelukswieltje), maar wordt tegenwoordig LG-toom genoemd. Het is een verdere ontwikkeling van de sidepull. In plaats van een simpel ringetje tussen neusband  en kinriem heeft de LG-toom een wiel met spaken. De neusband, de kinriem, het bakstuk en de teugel kunnen individueel tussen deze spaken aan het wieltje worden bevestigd, waardoor de inwerking van de optoming kan worden veranderd van een directe overdracht tot een zekere hevelinwerking, zoals bij een mechanische hackamore. Het neusdeel bestaat uit een verstelbare, leren riem, de kinriem is hetzelfde of een combinatie van leer en ketting. Een variant van deze optoming beschikt over scharen die vergelijkbaar zijn met de shanks van western bitten. Het LG-toom maakt, net als de sidepull, een gedifferentieerde inwerking mogelijk.

De kaptoom: Deze optoming wordt hoofdzakelijk gebruikt voor het longeren. Wie een kaptoom zoekt, heeft een brede keuze uit talrijke producten. Het belangrijkste deel bij de kaptoom is een neusriem (vaak met een metalen binnenkern) met daarop een aantal ringen. Kinriemen en kopstuk maken deze optoming compleet. De variant met het dubbel gebroken neusdeel is weinig zinvol vanwege zijn onduidelijke inwerking. De Spaanse versie met de gekartelde, metalen rand, verpakt in leer, op de neus is uit den boze, omdat elke hulp onaangenaam is of zelfs pijnlijk. De kaptoom is ook geschikt voor het werk onder het zadel: aan de zijdelingse ringen kunnen de teugels worden bevestigd. Zo kan de kaptoom in de overgangsfase tussen het leren longeren en het zadelmak maken worden ingezet, naast het gewone bit. Ook is het mogelijk om een bit aan een kaptoom te bevestigen.