Informatievoorpaardenliefhebbers.jouwweb.nl
Home » Verzorging paard » Insecten

Insecten

pa-dpa_10417021.jpg

Ze hebben het bloed van het paard gewoon nodig als voedingsbron of voor het voortplanten van hun soort. Maar - en dat is het gevaarlijke aan deze profiteurs - ze brengen ziekteverwekkers over zoals bacteriën, virussen en wormen en ze veroorzaken allergieën (bijvoorbeeld zomereczeem), ontstekingen van de huid of slijmvliezen en in het ergste geval valt het paard er letterlijk van om, bijvoorbeeld door de kriebelmug: als deze in grote zwermen op het paard afkomt en op de minder behaarde plekken (oorschelp, mond of neus) steekt. Deze steken kunnen een toxische shock bij het paard veroorzaken die tot problemen in de bloedsomloop en in het ergste geval tot hartfalen kan leiden. Elk van de plaaggeesten heeft zo zijn eigen voorkeur wat de maaltijd betreft: dazen prefereren de hals of het kruis van het paard om aan hun voeding te komen. Ze zijn in aantocht als het in de zomer lekker vochtig en warm is. Dazen zijn met name laat in de ochtend en tegen de vroege ochtend actief. Vliegen kruipen rond de ogen van het paard en in zijn neusgaten. Je ziet ze vooral tegen de middag of in de namiddag. Vliegen houden ook van open wonden. Luisvliegen bevinden zich net als dazen in de buurt van bossen en drinken uitsluitend bloed. Als zij zich aan de binnenkant van het dijbeen of aan zijn romp vasthaken, worden ze vaak verwisseld met teken. De steken van de luisvlieg zijn voor paarden erg pijnlijk. De eitjes van de horzel probeert het paard af te likken of af te knabbelen. Het paard krijgt de eitjes via zijn speeksel binnen en als de larve uitkomt, dringt hij in de mondholte van het paard. Daar boort hij zich met kleine weerhaakjes vast. De symptomen reiken van een zwelling van het gehemelte tot vermagering en koliek. Een andere plaaggeest in de zomer is de steekmug. Deze zit langs beken en vijvers, op mesthopen of aan bosranden op haar slachtoffer te wachten, vooral als het warm weer is, zonder wind en zonder directe zon. Bij een steek kunnen virussen, bacteriën of parasieten worden overgebracht, waaronder het West-Nijlvirus en de Infectieuze Anemie. Ook knutten/knijten zitten het liefst in de buurt van water. Deze kwelgeesten zijn rond de schemering actief. Ze steken het paard het liefst rond de staartaanzet of op de manenkam.

Een bijzonder irritant beest is de teek. De teek behoort namelijk niet tot de insecten maar tot de spinachtigen. De teek wordt met recht gevreesd, want deze blinde en dove parasiet kan Borreliose (Ziekte van Lyme) overbrengen - een uiterst gevaarlijke ziekte met veel symptomen. Het paard probeert het insect door reflexachtige spiertrekkingen, hoofdschudden, stampen, rollen of schuren kwijt te raken. En soms helaas ook door in paniek te vluchten - meestal zonder succes. Na een paar seconden is het leger insecten weer terug, om opnieuw aan te vallen. De enige oplossing hiertegen is een insectenspray of -deken.

Afhankelijk van het soort insect, het aantal steken en de aanleg van het paard kan er een allergische reactie ontstaan. Eerst ontstaan er bulten, jeuk, oedemen, dermatitis. Maar bij een zware allergie zijn de zwellingen over grote vlakken verdeeld aan hoofd, lichaam en benen en het welzijn van het paard is zwaar aangetast. Het gevaar van insecten is afhankelijk van het soort insect en vooral van de dosis gif die hij (of zij) achterlaat. In extreme gevallen kan bij meerdere duizenden steken van kriebelmuggen per dag zelfs de dood intreden als gevolg van simullio toxicose (een allergische reactie op de inhoudsstoffen van het muggenspeeksel). Zomereczeem neemt een bijzondere rol in waar het gaat om allergische reacties. De aanleg van zomereczeem is erfelijk, waarbij algemene haar- en huidproblemen, stress, verkeerd voer en hormonale veranderingen de allergische reactie versterken. Ook hierbij reageert het paard op het speeksel van bepaalde muggen: knutten, kriebelmuggen, steekmuggen of zandvliegen. Vliegen steken niet. Zij leggen hun eitjes op de mesthoop, in resten voer en direct op de paardenmest. Binnen enkele dagen komen de larven uit. Deze zuigen zich vast aan ogen, neusgaten of aan open wonden. Soms zie je hele trossen vliegen rondom het hoofd van je paard. Dat zorgt voor onrust en irritatie van de ogen. Bovendien brengen vliegen bacteriën en wormlarven over.

Als je de stal dagelijks uitmest, de stalvloer regelmatig desinfecteert en voer- en drinkbakken schoonmaakt, kom je al een heel eind. Voerresten kun je het best verwijderen, want zoete slobber of wortel- of appelstukjes, mest en urine lokken vliegen en hun vriendjes als een gesmeerde bliksem en zijn uitermate aanlokkelijk als broedplaatsen. Je kunt voer- en drinkbakken eventueel met azijn of citroensap reinigen. Maar ook weiden en paddock moeten regelmatig worden onderhouden: als je mest regelmatig verwijdert, rem je de verspreiding van zowel insecten als wormen. En omdat muggen gek zijn op vochtige plekken zoals waterplassen en modder om daarin te broeden, kun je deze bijvoorbeeld met zand droogleggen.

Je kunt je paard ook met andere middelen beschermen, bijvoorbeeld met een bandje met franjes over zijn gezicht, een hoofdmasker, een netdeken of een pak dat zijn hele lijf hermetisch afsluit.

Ook wat de vliegenspray betreft heeft de markt een heleboel te bieden: insecticiden, chemische en natuurlijke afweringsstoffen en supplementen in het voer.

chemisehkmantimoucheavecencolure_0.jpg